De grote drempel van de 'Waarborgsom'
De borgsom (waarborgsom) is een van de grootste financiële obstakels voor nieuwe huurders. In de vrije sector vragen verhuurders doorgaans een borgsom die gelijk staat aan twee, of soms zelfs drie maanden basishuur. Voor een appartement van €1.800 per maand kan dit betekenen dat er vooraf een contante betaling nodig is van €3.600 tot €5.400, naast de eerste maand huur. Hoewel specifieke financiële producten zoals een 'depositvrije lening' geen standaardaanbod zijn bij Nederlandse banken, zijn er enkele routes die een huurder met onvoldoende spaargeld kan verkennen, hoewel elk daarvan met aanzienlijke kanttekeningen komt.
Optie 1: Gemeentelijke Bijstand (Bijzondere Bijstand)
Dit is het belangrijkste officiële kanaal voor mensen met een laag inkomen en geen persoonlijk vermogen. Een huurder die zich de borgsom en/of de eerste maand huur niet kan permiteren, kan bij zijn/haar lokale gemeente (gemeente) aanvraag doen voor bijzondere bijstand (speciale bijstand). Dit is een vorm van sociale bijstand bedoeld voor noodzakelijke, maar onbetaalbare eenmalige kosten. Het proces omvat:
- Strikte middelen-toets: De gemeente zal een grondige beoordeling uitvoeren van het inkomen, spaargeld en schulden van de aanvrager.
- Aantoonbare behoefte: De aanvrager moet aantonen dat het verkrijgen van deze specifieke woning essentieel is en dat hij/zij geen andere middelen heeft om de borg te betalen.
Als de aanvraag wordt goedgekeurd, kan de bijstand worden verstrekt als een volledige schenking of, vaker, als een rentevrije lening die in de loop der tijd moet worden terugbetaald. Dit is een laatste redmiddel vangnet, geen standaard financieringsoptie.
Optie 2: Privé-persoonlijke leningen
Een huurder kan technisch gezien een kleine persoonlijke lening (persoonlijke lening) bij een commerciële bank aanvragen om de borgsom te dekken. Dit is echter een zeer risicovolle strategie. De huurder betaalt rente over deze lening, wat de maandelijkse kosten verhoogt. Het grootste risico doet zich voor aan het einde van de huurperiode. Als de verhuurder inhoudingen doet op de borg — eerlijk of oneerlijk — krijgt de huurder het volledige bedrag niet terug om de lening af te lossen. Ze blijven een bedrag betalen voor geld dat ze nooit terug hebben gekregen, waardoor een tijdelijk cash-flow-probleem uitgroeit tot een langetermijnschuld.
Optie 3: Depositogaranties
Als alternatief voor een contante betaling bieden sommige bedrijven een depositogarantie (depositogarantie). De huurder betaalt een kleinere, niet-restitueerbare vergoeding aan het garantiebedrijf, dat vervolgens een garantie aan de verhuurder verleent. Hoewel dit het directe contante probleem oplost, is de vergoeding een verzonken kostenpost. In tegenstelling tot een contante borg krijg je het nooit terug, waardoor het op lange termijn een duurdere optie is als je een goede huurder bent die normaal gesproken een volledige terugbetaling zou hebben ontvangen.